|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Waarom vet het andere niet isHet Deense parlement heeft begin oktober jongsleden het voorstel om belasting te heffen op verzadigd vet goedgekeurd. De heffing van 2,15 euro gaat gelden voor producten met meer dan 2,3 procent verzadigd vet, zoals zuivelproducten, vlees, dierlijk vet, plantaardige vetten en oliën en margarine. Mensen 'stimuleren' om minder 'slechte vetten' te eten is op zich een goed idee, maar het gevaar bestaat dat het kind met het badwater wordt weggegooid met deze maatregel. Er bestaan namelijk wel degelijk ook 'goede' verzadigde vetten, die zelfs héél gezond zijn, zoals extra vierge kokos- en palmpitolie. Ancel Keys lanceerde in 1953 de 'vethypothese'. Verzadigd vet en cholesterol uit de voeding waren volgens hem de oorzaak van een hoge cholesterolspiegel in het bloed. Een een hoge cholesterolspiegel veroorzaakt aderverkalking (artherosclerose). Die zou op zijn beurt weer verantwoordelijk zijn voor hart- en vaatziekten. Alhoewel deskundigen vele hiaten vonden in zijn hypothese, sloeg zijn verhaal in als een bom en werd het snel gemeengoed. Zo werd in 1948 een enorm, nog altijd lopend project gestart in Framingham, Massachusetts, met 5,209 volwassen inwoners: De Framington studie. Deze studie was bedoeld om de ‘vethypothese’ te onderbouwen, maar leek uiteindelijk het tegendeel te bewijzen. William Castelli, directeur van The Framingham Study verklaarde: "Hoe meer verzadigd vet men in Framingham, Masschusetts at, hoe meer cholesterol en hoe meer calorieën, des te lager was het cholesterol gehalte in het bloedserum van die mensen. Wij ontdekten dat de mensen die het meeste cholesterol, het meeste verzadigd vet en de meeste calorieën aten, het minste wogen en lichamelijk het meest actief waren." George Mann, een andere voormalig mededirecteur van deze studie zei: "De huidige hypothese van het verband tussen hart- en vaatziekten heeft al herhaaldelijk bewezen niet juist te zijn, en toch, vanuit gecompliceerde redenen van trots, winst en vooroordeel, blijft deze hypothese in gebruik bij wetenschappers, door geld inzamelende stichtingen, voedingsindustrieën en zelfs overheidsinstanties. Het grote publiek wordt zo bedrogen met de grootste gezondheidszwendel van de eeuw." In een recente studie, uitgevoerd door de Cleveland kliniek, welke 120.000 hartpatiënten onderzocht, kwam men tot de conclusie dat roken, transvetten, geraffineerd voedsel, stress, milieu verontreiniging, het inhaleren van toxische stoffen, diabetes en tekorten aan cholesterol, hart- en vaatziekten kunnen doen ontstaan. Hoge bloeddruk en hoge cholesterol zijn dan slechts indicaties voor aantasting van hart- en vaatziekten, maar niet de oorzaak. ‘De algemeen verspreide mening dat alle vetten slecht zijn en dat vetten ons alleen maar dik maken, hebben er net voor gezorgd dat zwaarlijvigheid epidemisch is geworden. We hebben ons vervolgens volgepropt met geraffineerde koolhydraten en suiker.' Dr. W. Willet. Industriële voedingsproductenVanaf 1920 stapte men in de westerse wereld af van de traditionele manier van voedsel produceren en bewerken en kregen we de opkomst van fabrieksvoedsel, zoals geraffineerde oliën, margarine, geraffineerde suiker, conserveermiddelen, smaakversterkers, synthetische vitaminen en mineralen etc. Eerder kon men enkel olie persen uit bepaalde zaden en vruchten, zoals van olijven, lijnzaad, sesam en aardnoten. Na 1920 kregen we de industriële voedselproductie, waarbij onder zeer hoge druk, hoge temperatuur en met behulp van chemicaliën, olie uit soja, maïs, zonnebloem, katoenzaad en koolzaad werd geperst. Deze geraffineerde oliën zijn dusdanig bewerkt, dat zeer veel waardevolle stoffen verloren zijn gegaan en juist veel schadelijke stoffen, zoals vrije radicalen erbij zijn gekomen. Margarine en allerlei bak- en braad producten bevatten deze stoffen. Alle producten gemaakt in fabrieken, waaronder ook geraffineerde suiker, bevatten veel minder mineralen, vitaminen en enzymen als het voedsel wat rechtstreeks uit de natuur komt. Bij veel producten worden weliswaar synthetische mineralen en vitaminen toegevoegd, maar deze zijn veel minder goed opneembaar en kunnen soms zelfs giftig zijn. Supersize meMensen die veel geraffineerde voedingsproducten eten maken gemakkelijker vetweefsel aan. Als mensen vetcellen aanmaken van verzadigd vet dan hebben deze vetcellen een inhoud van 0,66 micro gram per cel. Dezelfde vetcellen aangemaakt van geraffineerd vet hebben een inhoud van 0,9 micro gram per vetcel. Ook blijkt dat het aantal vetcellen dat ontstaat als mensen veel geraffineerde vetten eten verdrievoudigd wordt. In de film "Supersize Me", gaat een man een maand lang alleen maar bij McDonald eten. Ondanks dat hij dagelijks enorme hoeveelheden calorieën naar binnen werkte, had hij binnen de kortste keren weer honger. Dit komt omdat het lichaam mineralen en vitaminen nodig heeft en als ze die niet in voldoende mate binnenkrijgt geeft het een seintje: "Ik heb honger". Deze man kwam in een maand tijd heel veel kilo's aan, zijn lever was er dramatisch slecht aan toe, hij voelde zich lusteloos en depri en zijn libido was zero. Transvetten Transvetzuren ontstaan onder meer bij het harden van plantaardige oliën. Bijvoorbeeld bij de fabricage van margarines of bij de bereiding van vet voor de banketindustrie. Ook bij de voedselbereiding in de keuken kunnen transvetzuren ontstaan, bijvoorbeeld bij het gebruik van onverzadigde plantaardige oliën om te bakken of frituren. Hoe sterker onverzadigd de olie, hoe meer transvetzuren kunnen ontstaan. Transvet wordt ook aangetroffen in vet van dierlijke oorsprong. Bij herkauwende dieren zoals de koe, het schaap en de geit komen in zeer beperkte mate (2 tot 5%) natuurlijke transvetzuren voor. De natuurlijke transvetten wijken meestal af van chemisch gevormde transvetzuren door hun gedrag en de plaats die de dubbele transbindingen innemen in de vetzuurketen. Bij herkauwers bevindt deze zich meestal op de 11de positie (trans-vacceenzuur). Bij gedeeltelijke geharde vetten meestal op de 9de, 10de of 12de positie. Mary Enig, transvet specialiste noemt deze laatste terecht ‘moleculaire misbaksels’. Transvetten zitten tegenwoordig in bijna alle kant en klare voeding die je in supermarkt kunt kopen. Het helpt de voeding langer vers te houden. Denk aan sauzen, dressings, Bio food producten van commerciële banketbakkerijen, kant en klaarmaaltijden, margarines, knapperige dan wel voorgebakken (graan-)producten, zoutjes, koek, snoep, soepen en bepaalde toetjes. Ook zit het in snackbarproducten, horecavoedsel en gebakken vis aan de kraam, hoewel dit geheel afhankelijk is van het soort olie of vet dat gebruikt wordt. Voedingsproducten bevatten transvet als het één van de volgende ingredienten bevat: (gedeeltelijk) gehard vet, gehydrogeneerd vet, (gedeeltelijke) geharde olie, gehydrogeneerde vet of olie. Hoe ontstaan transvetten?De basis van de vetten is meestal al een geraffineerde olie. Vervolgens wordt die geraffineerde olie overmatig verhit tussen 150 à 200 °C. Er wordt nikkel (platina, alluminium of koper) als katalysator aan toegevoegd, en het wordt geheel of gedeeltelijk gehydrogeneerd (gehard). Dat betekent dat onder druk de ontbrekende waterstofatomen worden bijgevoegd en gebonden met de koolstoffen van de olie. Er ontstaan bij deze behandeling stabiele ‘transvetzuren’ met een structuur die in de natuur niet voorkomt en die in ons lichaam niet thuishoort. In de natuur komen dubbele bindingen voor in de ‘cis-structuur’, waarbij aan weerszijden van een dubbele binding de waterstofatomen aan dezelfde kant staan, als een ‘V'. Onder druk en bij het gedeeltelijk harden van MOV’s, veranderen die cis-structuren in ‘trans-structuren’. De waterstofatomen staan nu aan de tegenovergestelde kant. Wanneer we margarines en andere gedeeltelijk geharde vetten gebruiken, verstoren ze onze cellulaire functies drastisch. Ze worden niet ‘herkend’ door ons lichaam en verstoren zowel de opname van voedingsstoffen als de afgifte van afvalstoffen door een verstoord celmembraan. Bovendien verstoren ze de normale omzettingen van essentiële vetzuren als linolzuur en alfalinoleenzuur en hebben ze een weerslag op de bloedviscositeit, het cholesterolgehalte en de vaatwanden. Verzadigd-, mono-onverzadigd en meervoudig onverzadigd vet (MOV’s)Deze indeling is gebaseerd op het aantal waterstofatomen die vetzuren missen en het aantal dubbele bindingen die ze hierdoor gaan vertonen. Mono-onverzadigde vetzuren missen op één plaats waterstofatomen en hebben één dubbele binding, terwijl meervoudige onverzadigde vetzuren (MOV’s) op meerdere plaatsen waterstofatomen missen en meerdere dubbele bindingen vertonen. Hoe onverzadigder een vetzuur is, hoe onstabieler en hoe reactiever. Verzadigde vetten missen geen waterstofatomen en vertonen dus geen dubbele bindingen. Hierdoor zijn het veel stabielere vetten en zijn ze weinig onderhevig aan oxidatie. Toch heb je alle drie de vetsoorten nodig. Verzadigde vetten zorgen voor stabiltieit en homeostase (evenwicht) in je lichaam. De onverzadigde vetten en zeker de meervoudig onverzadigde vetten (MOV’s) zorgen voor de vitaliteit. ‘60g margarine of bakvetten zijn tweemaal zo giftig als al het andere eten dat we dagelijks consumeren’ Udo Erasmus Drie verschillende vetzuurketensKorte vetzuurketens (CCT’s): deze bevatten 2 tot 4 koolstofatomen en zijn relatief zelden in de natuur te vinden. Je vindt ze een beetje terug in azijn, boter en melk. Middellange vetzuurketens (MCT’s): deze bevatten 6 tot 12 koolstofatomen. Je vindt ze terug in bepaalde tropische planten. Kokos- en palmpitolie zijn de rijkste bronnen en in mindere mate ook melk en boter. MCT’s zijn Medium Chain Trygliceriden oftewel middellange vetzuurketens. Deze vetten komen het meest voor in kokosolie en palmpitolie. De moleculen van MCT vetten zijn kleiner, zij worden snel afgebroken en hebben weinig energie en enzymen nodig om door ons lichaam opgenomen en gebruikt te kunnen worden. In tegenstelling tot andere vetten worden MCT’s eerder als brandstof gebruikt dan als vet opgeslagen. Lange vetzuurketens zoals deze veel in visolie en plantaardige oliën voorkomen, worden eerder opgeslagen als vet en slechts in tweede instantie gebruikt als energie. Lange vetzuurketens (LCT’s): deze bevatten meer dan 12 koolstoffen en zijn het talrijkst terug te vinden in de natuur. In plantaardige-, vis- en dierlijke vetten. Gezonde verzadigde vettenDr. Weston Price, tandarts, publiceerde in 1939 het boek ‘Voeding en fysische degeneratie’, waarin hij zijn bevindingen van zijn talrijke studies bij traditionele bevolkingsgroepen weergaf. Zo bezocht hij ook de eilandengroep van Polynesië en stelde vast dat zij, die vasthielden aan het traditionele dieet, waarin kokosnoot - barstensvol verzadigde vetten - een belangrijke rol speelde, gezond waren en eigenlijk bijna geen degeneratieof welvaartsziekten hadden. Zij die meer ‘geraffineerd’ voedsel aten, kregen westerse ziekten, inbegrepen tandbederf. Een Indische studie toonde aan, dat als men verzadigde vetten vervangt door geraffineerde zonnebloem- of saffloerolie, de kans op ouderdomsdiabetes stijgt. Studies uitgevoerd in landen waar kokosnoot (olie) een belangrijk deel vormt van het traditionele dieet, tonen er in tegenstelling tot wat men ver wachtte, geen relatie met hart- en vaatziekten. De traditionele bevolking van Sri Lanka had volgens de Verenigde Naties ooit één van de laagste sterftecijfers tengevolge van hart- en vaatziekten door klontervorming. Sinds het kokosverbruik er met meer dan 35% is gedaald, is dit aantal doden in belangrijke mate gestegen.
Extra vierge kokosolie en kokosolie zijn niet hetzelfdeDe gangbare kokosolie is geraffineerd en wordt gemaakt van de copra van de kokos. Copra wordt bekomen door de pulp van de kokosnoot onder heel hoge temperaturen te drogen. Uit deze copra gaat men door middel van solventen kokosolie extraheren. Vervolgens gaat men ze bleken, ontgeuren en raffineren. Hierbij ontstaat een goedkoop product dat onze gezondheid schaadt. Sterolen, lecithine, polyfenolen, carotenoïden, mineralen, vitamine E en andere plantaardige stoffen worden door het raffinageproces verwijderd. Nochtans hebben al deze stoffen hun functie. Vitamine E voorkomt het ranzig worden, carotenoïden beschermen tegen de zon, mineralen zorgen voor de groei en elektrische geleiding etc... Geraffineerde en geharde kokosolie smelt pas rond 30 à 37°C en koudgeperste, extra vierge rond de 25°C. Extra vierge kokosolie wordt verkregen door de pulp natuurlijk te laten fermenteren of mechanisch te persen. Extra vierge ruikt en smaakt naar kokos zoals extra vierge olijfolie naar olijven smaakt. Extra vierge heeft een heel kleine moleculaire structuur, waardoor die bijzonder goed opneembaar is, zowel via de darmen als via de huid. Welke vetten moeten we nu dus wél mijden?• Alle geharde of gedeeltelijk geharde vetten,omdat de essentiële vetzuren erin zijn vernietigd De voordelen van extra vierge kokos-en palmpitolie:• Zowel kokos-als palmpitolie bevatten veel gezonde MTC's, die extra energie geven, in plaats van als vet te worden opgeslagen.
ConclusieElke plant, dier en mens bestaat uit een samenstelling van verzadigde, mono-en meervoudig onverzadigde vetzuren. In ons lichaam hebben we meer dan 30 soorten vetzuren, die allen hun specifieke functie vervullen. Daarom is variëren met extra vierge oliën even belangrijk als variëren met verse groenten en fruit. In een gezond voedingspatroon horen twee keer zoveel gezonde vetten thuis dan eiwitten. De meeste gezondheidsorganisaties adviseren dat 30% van onze calorieën behoren te komen uit gezonde vetten, gelijkmatig verdeeld over de drie soorten. Een derde van deze gezonde vetten dient dus uit verzadigd vet te komen. • Voor meer info over dit onderwerp is er het boekje: Waarom kokos- en rode palmolie? door Bart Maes, oprichter van Amanprana.
|
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||